Levensloopregeling afgeschaft (of niet?)

Leve de levensloopregeling!  

 

Levensloopregeling geen succes

De levensloopregeling biedt de mogelijkheid te sparen voor verlof of voor vervroegde pensionering. Deze regeling is nooit het succes geworden dat er bij invoering in 2006 van werd verwacht. De regeling bleek veel minder populair dan de - veel eenvoudigere - spaarloonregeling en als de regeling werd gebruikt, dan ook nog eens door de verkeerde groep (hogere inkomens, directeur-grootaandeelhouders / DGA).  

 

Afgeschaft per 2012 (...)

Per 2012 werd de regeling dan ook afgeschaft, met als beoogde opvolger de - zeer karige - vitaliteitsregeling (met ingang van 2013). Op basis van de overgangsregeling konden bestaande levenslopers die op 31 december 2011 een saldo hadden van tenminste € 3.000 de inleg op hun levenslooprekening continueren tot de aow-gerechtigde leeftijd. Helaas werd daarbij vanaf 2012 geen levensloopverlofkorting meer opgebouwd. Levenslopers met per eind 2011 een lager saldo zouden dat saldo in 2013 kunnen omzetten naar een vitaliteitsspaarrekening en anders zou het saldo in 2013 vrij komen (uiteraard gepaard gaande met belastingheffing).  

 

Overgangsregeling / voordeel volledige opname in 2013

Een Kunduz-akkoord, een Regeerakkoord en een Belastingpakket 2013 passeerden. Daarbij sneuvelde de vitaliteitsregeling voordat deze het levenslicht had gezien (waar weinigen een traan om zullen laten) en werden de mogelijkheden voor bestaande levensloopspaarders gewijzigd.

Met ingang van 2013 geldt het volgende:

  1. Tegoed op levensloopspaarrekening of levensloopbeleggingsrekening per 31 december 2011 lager dan € 3.000. Het saldo komt vrij per 1 januari 2013. Het saldo per 31 december 2011 wordt voor 80% belast met loonheffing (en premie Zorgverzekeringswet) en het meerdere volledig. Hierbij wordt  rekening gehouden met de tot en met 2011 opgebouwde levensloopverlofkorting.
  2. Tegoed op levensloopspaarrekening of levensloopbeleggingsrekening per 31 december 2011 € 3.000 of hoger.
  • deelname aan de levensloopregeling mag worden voortgezet tot en met 2021. Daarbij blijven de regels uit 2011 gelden (o.a. inleggen tot saldo 210% van het jaarsalaris, vanaf 2012 geen verdere opbouw levensloopverlofkorting).
  • het levenslooptegoed mag blijven staan tot en met 2021.
  • voor 2022 kan het levenslooptegoed naar eigen voorkeur (dus ook buiten verlof of vervroegd stoppen met werken) worden opgenomen. Daarbij is loonheffing verschuldigd (+premie Zorgverzekeringswet) en wordt de tot en met 2011 opgebouwde levensloopverlofkorting benut.
  • bij volledige opname van het levenslooptegoed in 2013 is (loon)belasting verschuldigd naar de normale tarieven (maximaal 52%). Van het saldo per 31 december 2011 wordt slechts 80% in de belastingheffing betrokken (dus 20% blijft belastingvrij). Helaas geldt deze kortingsregeling alleen in 2013 en kan na volledige opname niet meer worden ingelegd.  

 

Nieuw is dat met ingang van 2013 over een uitkering uit de levensloopregeling premies werknemersverzekeringen verschuldigd zijn. Dit volgt uit de Wet Uniformering Loonbegrip. De DGA zal in de meeste gevallen buiten de werknemersverzekeringen vallen, zodat deze premies niet hoeven worden ingehouden. Een en ander levert mogelijkheden tot 'planning' op. Indien u belasting betaalt tegen het hoogste tarief van 52% en dat zult blijven doen, dan zou het te overwegen zijn het levenslooptegoed in 2013 geheel op te nemen en gebruik te maken van de eenmalige korting. Wanneer u voorziet dat uw inkomen en daarmee het tarief waarin u valt zal dalen, dan zou het voordelig kunnen zijn om in die periode uw inkomen aan te vullen vanuit het levensloopsaldo. Met een beetje passen en meten valt dat wellicht voordeliger uit dan de kortingsregeling. Hier geldt dat de ene levensloper de andere nog niet is!

 

Conclusie

De levensloopregeling blijft voor bestaande gevallen overeind tot 2022. Het levensloopsaldo kan in die periode zonder voorwaarden, dus geheel naar eigen voorkeur, worden opgenomen. Er is dan belasting verschuldigd. Om het geheel opnemen van het levenslooptegoed in 2013 te stimuleren bestaat er in dat jaar een kortingsregeling op basis waarvan 20% van het saldo op 31 december 2011 buiten de heffing blijft. Per geval zal moeten worden beoordeeld of het gunstig is om het gehele saldo in 2013 op te nemen, het saldo gedurende de jaren tot 2022 (geleidelijk) op te nemen of te wachten tot eind 2021, en of het voordelig is om door te sparen.

 

Update 20 september 2014

In het Belastingplan 2015, dat op 16 september 2014 verscheen, is de 80%-afkoopregeling voor het levensloopsaldo weer tot leven geroepen. Voor levensloopspaarders die in 2013 niet hebben afgekocht biedt 2015 opnieuw de kans!

 

Kortom, de levensloopregeling is dood; leve de levensloopregeling! Hulp nodig bij de afweging? Neem dan contact op met Erik van Kan of uw contactpersoon binnen ons kantoor (telefonisch op 015-2136746 of door middel van het contactformulier).